Kafka leeft!

Vandaag ga ik op expeditie naar het gemeentehuis.  Een jungle van loketten, schuiframen en balies ligt op me te wachten.  Snel enkele inlichtingen verkrijgen op de dienst stedenbouw, dat is het plan. Wanneer ik voor de glazen inkomdeur sta, lees ik een scheef op het raam geplakt A4-tje:

“Omwille van de coronapandemie, werken wij met strikte maatregelen. Voor stedenbouwkundige vragen van het type I, gelieve adres A te mailen. Voor vragen van het type II, mail B. Voor vragen over uitzonderingen leefmilieu, mail C.”

Allemaal goed en wel, maar ik weet niet in welk geval ik me bevind!  Daarmee wil ik nu net geholpen worden!

“Voor alle andere vragen, bel telefoonnummer D.”

Telefoonnummer D.  Dat wordt mijn hulplijn.  Een hulplijn met antwoordapparaat.  “Onze loketten zijn geopend op maandag, woensdag en vrijdag van 9 tot 12h.  Gelieve hier geen bericht in te spreken, maar kom langs aan het loket. Piep-piep-piep.”  

Ideaal!  Het is woensdag 21 april 2021, 10u.  Perfect binnen het tijdschema. Trek-duw-trek-duw.  Draaien aan de ronde deurklink, rammel-rammel. Onmogelijk open te krijgen. Zorgvuldig scan ik de omgeving, als een scheepskapitein die met een verrekijker naar ijsbergen speurt.  Plots valt mijn oog op een roze post-it naast de deur:

“Als u een afspraak hebt, gelieve op de parlofoon te drukken.  In alle andere gevallen, gelieve eerst een afspraak te maken op telefoonnummer E.”

Zucht.  Ik bel nummer E, een dame neemt op, vraagt me op welke dienst ik een afspraak wens te maken en verbindt me door (voor ik verder nog iets kan zeggen) met telefoonnummer D….waar ik opnieuw op het antwoordapparaat van de dienst stedenbouw beland dat me lieflijk toefluistert om “langs te komen aan het loket…Piep-piep-piep.” 

Zucht diepe zucht. Eat-sleep-phone-repeat.

Tijd voor een drastische wending!   Zonder vrees druk ik op de uitsluitend-voor-mensen-met-afspraak parlofoon.  Een nasale stem vraagt me : “hebt u een afspraak?”  “Wel, neen, maar ik wil er heel graag één maken.”  “U moet bellen op telefoonnummer E voor een afspraak”.  “Ja, dat heb ik net gedaan maar….”en ik doe de hele uitleg van het rondje antwoordapparaat.  “Dat is vreemd”, zegt de nasale stem, “want ik ben hier aanwezig en ik zie mijn collega van de dienst stedenbouw aan haar bureautafel zitten (ja ik zie haar ook doorheen uw glazen deur!).  Ik zal u nog eens doorverbinden.”  “Lieve hemel, neeeeen!” probeer ik nog, maar het is al te laat.  

Eat-sleep-phone-repeat. 

Zucht-zucht-zucht.  

De telefoon rinkelt (tot mijn verbazing) en iemand neemt op. De dame die ik zie zitten, vraagt “waarmee kan ik u helpen?”  Ik ben zeker dat zij het is, want ik zie de telefoon (met draad!) in haar hand geklemd en ik zie haar volle lippen synchroon met de woorden meebewegen.  “Ik zou graag een afspraak willen maken op uw dienst.  Maar ik sta voor de deur en het zou me verder helpen als u mij uitleg zou kunnen verstrekken aan het loket. Ziet u mij?”  Zwaai-zwaai.  

Zij draait haar hoofd en kijkt ostentatief in mijn richting, maar ik krijg geen zwaai terug… “Neen, dat gaat helaas niet in coronatijd.  U moet een mail sturen met uw vraag.”  “Hoezo?  Een mail sturen?  Kan ik nu niet simpelweg een afspraak maken?”

“Neen, u moet uw vraag mailen naar de juiste dienst en zo een afspraak maken.”  “Maar dat is nu net mijn probleem!” hoor ik mezelf zeggen. “Ik weet niet op welke dienst ik moet zijn!”  “Dat is dan spijtig.  U kan anders misschien na coronatijd nog eens proberen langs te komen, of u kan later proberen terug te bellen.  Kan ik u nog ergens mee helpen?”   

In een wanhoopspoging probeer ik uit te leggen dat het antwoordapparaat iets helemaal anders vertelt.  Dat daarop verzocht wordt langs te komen aan het loket…“Ja, dat kan.  Dat zal het antwoordapparaat met een boodschap van vóor (!) coronatijd zijn en mijn collega zal deze boodschap nog niet aangepast hebben.  Kan ik u verder nog ergens mee van dienst zijn?”   

De dame zegt dit met een dusdanige vanzelfsprekendheid, dat ik besluit mijn verzet te staken…Er zijn nog zekerheden in het leven, zélfs tijdens een pandemie.  Kafka leeft!

“Prettige dag verder…Piep-piep-piep”!